| Quo vadis? |
|
Het bouwen van een nieuw clubhuis gaat helemaal vanzelf? Dat had je gedacht. Want er wordt echt nog wel het nodige eigen initiatief verwacht. Wat te denken bijvoorbeeld van de vormgeving van de bestuurskamer. Moet wel een beetje cachet hebben. Of de bar, waar het allemaal gaat gebeuren straks. Smaken verschillen en hopelijk mogen we zelf over de inrichting meebeslissen. Mag ook wel met die exorbitante prijzen, want geloof me, het kost een paar centen. Maar daar houdt het niet bij op. Behalve de bar zijn er bijvoorbeeld ook nog de kleedkamers, de keuken, de douchegelegenheden en .... het toilet. Heeft iemand zich al gerealiseerd dat je bij het aanschaffen van het toilet niet over één nacht ijs kunt gaan? Tot voor kort was het leven wat dat betreft overzichtelijk. De Villa heeft immers een simpele, reeds aanwezige voorziening voor het wegvoeren van natuurlijk afval. Gewoon een rond gat met spoelvoorziening. Bij aandrang ga je erop zitten (deksel omhoog, indien aanwezig) en laat je het gebeuren. Tijdig spoelen ter handhaving van de frisse lucht (bij de heren: trek aan het touwtje), waarna de ruimte weer zo snel mogelijk wordt verlaten. Niemand die er verder echt over nadenkt. Het werkt, en daarmee basta. Ik had mij nog nooit echt verdiept in de vormgeving van het toilet totdat ik er eentje moest uitzoeken voor mijn eigen nieuw te bouwen huis. Waarom eigenlijk niet? Tsja. Het toilet is nu eenmaal niet een locatie waar je veel langer blijft dan strikt noodzakelijk. Daarbij is de ruimte waar het voorwerp zich doorgaans bevindt meestal niet veel groter dan een of twee vierkante meter, zodat er nauwelijks enige mogelijkheid voor een uitgebreide omtrekkende beweging bestaat. Eenmaal op de pot gezeten, is het bovendien wat lastig om een analyse van het model te maken, nog daargelaten dat men op dat moment meestal iets anders aan het hoofd heeft. Hoe anders is het in de showroom. Talloze modellen blijken voorradig. Back to the fifties, een antieke pot of modern design, alles is mogelijk. In deze tijd dient de huisstijl, zo heb ik mij laten vertellen, door te klinken tot in het kleinste kamertje. Want het zal toch niet gebeuren dat de in de keuken-boerenlandstijl bereide maaltijd, die werd genuttigd aan een Louis XV tafel op een bord van Chinees porselein, uiteindelijk wordt afgescheiden op een doorsnee Gamma-pot van inferieure kwaliteit. Dat zou mij niet overkomen. Ik doe dus al sinds enige tijd werkelijk àlles esthetisch verantwoord. Nu maar hopen dat we ons straks in de nieuwe Villa ook op gepaste wijze kunnen ontlasten. |